Ik ben niet mijn haar

De meeste mannen worden kaal. Ik dus ook. Dat is een hormoondingetje. Soms schemert de eerste hoofdhuid op vroege leeftijd al door. Eerst is er ontkenning gevolgd door ‘kijken wat er nog te redden is’. Kapsel aanpassen, lang haar, kort haar, groeimiddelen tot voor sommige mannen implantaten aan toe.

Op een goed moment is de maat vol. Wat een gezeik dat haar. Eraf ermee. Zo ook bij mijn neef die dirigent is. In zijn vak van iemand in de spotlight speelt uiterlijk wel een rol. Zeker als de zaal meestal de achterkant van zijn schedel mag aanschouwen.

Zijn zoon zei: ‘Pap, Nu is het klaar!  Met zijn hulp lag in enkele minuten een carrierelang gesnoeide en gecultiveerde haartooi op het gras.

‘Bevrijdend! was zijn reactie. Ik voelde me licht en vrij dat dit gedoe eens en voor altijd voorbij is.’ Ik herken dit gevoel maar al te goed omdat ik hetzelfde besluit een jaar of tien geleden al had genomen. Het is een zorg minder. We zijn opeens niet meer kalend maar kaal. Niet halfslachtig met oost west haarlokken of weelderige krullen proberen te doen alsof we nog 29 zijn.

Het is een krachtig statement. Wij zijn niet ons haar, of het gebrek eraan.

vrijdag 27 maart 2026